Het kunstgebit lijkt langzaam te verdwijnen. We houden steeds vaker onze eigen tanden, tot op zeer hoge leeftijd.
In 1990 had 70 procent van de 65-plussers een kunstgebit, bijna twintig jaar later, in 2009 was dit percentage gedaald tot 41 procent. In totaal had in 2009 slechts 12 procent van de Nederlandse bevolking een kunstgebit. Dit positieve resultaat is het gevolg van een campagne die ingezet werd in de jaren zestig. In die tijd ontstond het besef dat slechte tanden niet het gevolg waren van ouder worden, maar van slechte tandhygiëne en onvoldoende tandartszorg. Vanaf de zestiger jaren kwamen er grote publiekscampagnes, de schooltandarts kwam, tandpasta met fluoride, het tandartsbezoek werd gestimuleerd en Nederlanders begonnen serieuzer te poetsen. Het resultaat is dat het aantal kunstgebitten drastisch terugloopt en we met onze eigen tanden oud kunnen worden. Dat dit waar lijkt te worden is al te zien bij de leeftijdsgroep 45 tot 65-jarigen, zij hadden in 1990 al voor 37 procent een kunstgebit, in 2009 was dit nog maar 12 procent.
